Gewoon mos

Gewoon mos? (1) Gewoon pluisjesmos
Gewoon mos? (2) Gewoon dikkopmos
Gewoon mos? (3) Fraai haarmos

Mos is niet zeldzaam, althans niet de 'gewone' soorten die ik hier laat zien. Maar gewoon? Zodra je door de knieën gaat, zie je dat het indrukwekkende structuren zijn en dat ze al zo lang bestaan - veel langer dan zaadplanten - versterkt dat gevoel van ontzag. Neem nou Gewoon pluisjesmos (foto 1): dat intense groen, de fijne draadjes die - rechtop en dicht tegen elkaar - stevige en tegelijk zachte kussentjes vormen. Ze groeien overal, in licht en schaduw, en zijn extra zichtbaar doordat ze ook graag langs paden, op kanten en aan boomvoeten groeien. Of anders Gewoon dikkopmos (foto 2), de groengele kruiper die klein begint, maar enorme matten kan vormen en dat op zo ongeveer elke ondergrond. Dit mos is de schrik van menig gazonliefhebber, want ook daarin voelt hij zich thuis. Gewoner dan gewoon, dit dikkopmos, in de zin van dat het overal groeit.
Ook Fraai haarmos (foto 3) is best wel gewoon, zij het niet zo gewoon als de vorige twee. Dat is niet vanwege de fraaie bladsterretjes aan de rechtopstaande stengeltjes en niet vanwege het diepe groen, hoe bijzonder ook. Nee, het is omdat deze schaduwliefhebber niet overal groeit: hij heeft een voorkeur voor hogere zandgronden, liefst voedselarm en wat zurig. Dus in onder meer in Drentse bossen en delen van de heide vormt hij zachte zoden die uit kunnen groeien tot bobbelige tapijten. Ik zie het gebeuren in mijn eigen tuin in Pesse, waar deze foto ook is genomen.