Ze zijn er altijd en overal en ze komen dichtbij, maar deze koolmees maakt het wel heel erg bont. Hij heeft zich geïnstalleerd op een kale tak van de lage struik in mijn voortuintje en het lijkt hem bar weinig uit te maken wat er om hem heen gebeurt. Nee, hij is niet van plan ergens anders te gaan zitten, ook niet als ik hem van dichtbij met mijn telefoon fotografeer. Het ontbreekt er nog maar aan dat hij uit volle borst gaat zitten zingen. Maar nee, dat bewaart hij voor in het park waar koolmezen hun kenmerkende 'zagen' laten horen: een herhaald tsi-tsu, tsi-tsu. Een piepend wagenwiel, zei men vroeger, toen er nog piepende wagenwielen bestonden. En vergeleken met dat zagen, beschrijft dat een stuk adequater hoe de koolmezenzang ongehinderd door de kale bomen klinkt.


